De week van de werkstress (over naar buiten wijzen en de PING)

De week van de werkstress zit er bijna op. En? Fijne week gehad? Vandaag is het ook nog eens wereld filosofiedag. Nou, dat lijkt me een mooie combi..! Tijd voor een beschouwing. Want ‘werkstress’, is dat eigenlijk wel werkgerelateerd? We voelen bijvoorbeeld tijdsdruk en wijzen naar de buitenwereld. Onze collega’s, leidinggevenden, of naar ‘de sector’ of ‘het bedrijf’. Maar wie of wat zorgt er eigenlijk voor spanning? Is er überhaupt wel iemand die dat doet? Laten we het eens rustig tegen het licht houden… En misschien is er die PING..!

Hè lekker, de week van de werkstress. Hup, daar zijn ze weer, cursussen mindfulness voor het vinden van innerlijke rust en trainingen voor het vergroten van je veerkracht in vijf stappen. Er wordt druk geadverteerd met slogans als ‘ga slimmer werken’ en ‘leer je doelen weer bereiken’. Kijk, je kunt yoga, meditatie, mindfulness of wat dan ook natuurlijk gebruiken om het werk weer ‘het hoofd te bieden’. Prima. Nuttig desnoods alcohol, leef je uit op seksueel gebied, of neem een reep chocola. Je weet natuurlijk ook wel dat het vaak alleen maar lapmiddelen zijn (sommige overigens erg lekker!). En je wordt doorgaans niet per se volwassener van afleiding, eerder behoeftig. Vaak stimuleert het juist de onrustige geest, die zich snelt naar een beter ‘straks’.

Meditatie (zijn met ‘wat is’) is natuurlijkerwijs niet ergens op uit. Dus óók niet op het zo snel mogelijk rustig worden en weer wat energie krijgen om via een loopmeditatie door te rennen met een nieuw STAP-budget op zak. Voor de duidelijkheid: niets tegen loopmeditatie, doe wat je niet laten kunt en doe er vooral je voordeel mee. Het gaat er op dit punt om dat áls er al rust gezocht wordt, dit niet zelden wordt gebruikt om snel weer aan de slag te gaan. Het kan je duidelijk worden dat dit een recept is om in de puree te blijven. Om door te gaan met wat je al deed. In plaats van rustig kijken en het inzien van iets heel eenvoudigs…

Kun je zien dat iemand anders in jouw plaats in het geheel geen druk zou ervaren?

‘Nou, dat klinkt wel érg simpel! Wat wil je zeggen? Dat het aan mij ligt?’ Nee. Dat het in ieder geval niet aan de situatie ligt en ook niet aan ‘de ander’. Niet aan de sector, niet aan het bedrijf, niet aan je manager en zeker niet aan Leo. Dat dacht ik vroeger zelf wel… vooral dat het aan Leo lag . (Roel heeft ook een tijdje in die gevangenis gehuisd: aan de ogenschijnlijke ketting van ‘de ander’: en Roel legde daar ook vaak de schuld neer haha). ‘Heeft dan niemand de schuld van mijn gevoel?’ Inderdaad. Er is niet iemand die de schuld heeft. En dat wordt misschien nog niet gezien, maar voordat we hierop doorgaan… eerst even wat cijfers en een kort intermezzo.

Uit onderzoek van TNO in 2021 blijkt dat 4 op de 10 werknemers in Nederland vindt dat er maatregelen nodig zijn tegen werkstress. ‘Naar binnen kijken’ valt NIET onder die maatregelen. Wat er wél onder valt: de werkgever moet zus, de werkgever moet zo (even kort samengevat dan). Allemaal goed en wel en er zal best wat te verbeteren zijn, dus als werkgevers nou aan de slag gaan met de adviezen van TNO… kun jij die tijd benutten om je tot jezelf te wenden. Want daar (hier!) gebeurt het tenslotte. Althans, bij een groot deel van ‘de werkende mens’. Ongeveer 35 procent van mensen die verzuimt geeft werkdruk of werkstress als reden.

Verzuimen is trouwens een grappig woord in dit verband. Verzuim houdt in dat je in gebreke blijft. Natuurlijk weet ik dat het een arbeidsrechtelijke term is, maar ‘verzuimen’ betekent in de Nederlandse taal: iets niet doen wat er wel van je wordt verwacht. Dat lijkt me nogal wiedes als je ziek bent. Het heet verzuim, maar is eigenlijk ‘ziek’. Wie verlangt er nu van een werknemer die letterlijk te beroerd is om te werken, dat ie op z’n werk verschijnt? Dat lijkt me voor iemand met burn-out klachten, een beroerde, niet bepaald ontspannen term. ‘Jij verzuimt!

Maar goed, je verzuimt misschien wel degelijk! Je verzuimt goed te kijken. Je verzuimt te leren van situaties die niet goed voor je zijn. Mensen noemen het werkdruk. Bijvoorbeeld te veel werk in te weinig tijd en dus meer uren maken dan men zegt te willen. Dan goed voor hen is. De cultuur zou moeten veranderen. De sector moet maatregelen nemen en dán… dan voelen wij ons weer rustig. Staan we werkelijk onder druk? Oftewel, zorgen anderen of omstandigheden voor mijn gevoel van druk, mijn idee iets te moeten doen? Nogmaals, kun je inzien dat iemand anders in jouw plaats in het geheel geen druk zou ervaren? Of misschien juist veel meer. En alles daar tussenin! Diverse schakeringen zijn mogelijk. Laat dit anders een bezinken…

Er is precies díe spanning bij jou, die voelbaar is. Geen andere.
Heb jij daarvoor gekozen? Zou jij daarvoor kiezen?

Dus nee, het ligt ook niet aan jóu. 'De dingen' zijn niet iemands schuld, worden niet door iemand veroorzaakt. Als je er even voor gaat zitten, zal je dit kunnen zien. Maar dat wil je niet. Elke vezel in ons schreeuwt om het geven van schuld. Aan Henk (ja, nu is het weer Henk), aan het werk, of desnoods mezelf, maar iemand, laat in godsnaam IEMAND de schuld hebben van deze onrust. Dat zien, is genoeg. Zie hoe dit mechanisme werkt. En zie tegelijkertijd dat het schuld-idee niet klopt. Als je dat ziet, ben je vrij. En laat je anderen wellicht ook met rust. Wel zo lekker voor beiden. En in plaats van aandacht schenken aan gedachten die op verkeerde ideeën gebaseerd zijn, lukt het je dan misschien weer om te luisteren naar de signalen in je lijf. Want zolang de geest oorverdovend schreeuwt, kun je niet horen wat het eigenlijk zeggen wil. STOP! STOP

Vaak stopt men niet… Blijft men de klager die zich onheus bejegend voelt en onder druk gezet. Klagers verworden al snel tot aanklagers. Dat is enkel het in stand houden en verplaatsen binnen de dramadriehoek. Men wil er niet uit. Men gelooft namelijk in schuld. Iemand moet ervoor boeten dat ik met een burnout zit. ‘Ik moest altijd maar áán staan.’ ‘Er moeten meer protocollen komen.’ Haha… ánderen moeten ervoor zorgen dat ánderen in toom gehouden worden, zodat ik mij niet zo naar voel. Je kunt in dit land zelfs een werkgever aanklagen als jouw klachten komen door te hoge werkdruk. Het komt niet in mensen op dat het helemaal niet kómt door het werk.

Oké, nog één keer via een andere ingang. Wie is de sector? Wát zouden die moeten doen? En geef jij ‘de sector’ –een concept!– dan niet heel veel macht over jou? Of desnoods Henk of Leo? Ben jij afhankelijk van ‘ze’? En als dat zo voelt… waar gaat dit dan eigenlijk écht over… Waar ben je bang voor? Wat staat er op het spel? Wat maakt leven zwaar, gewichtig...? Blijf niet aan de oppervlakte loeren, blijf niet klagen over je baan, het gaat om iets wezenlijkers. Anders voelde je niet die spanning. Anders liet je het wel uit je hoofd, om het lichaam zo te verwaarlozen. Anders liet je het wel uit je lijf!

Het gaat om iets wezenlijkers.
Anders liet je het wel uit je lijf! Kijk dieper...

Men zegt iets niet te willen, maar kan het dan zijn dat hij het juist zelf wenst? Vertel mij eens, wat wens jij te beschermen? Wat wil je ontlopen? Verkiezen wij niet zelf een ‘ja’, boven een ongemakkelijker of pijnlijker ‘nee’? Kun je zien dat wat jij ‘moeten’ noemt, net zo goed een ‘willen’ is? Dat jij het bent die z’n werk goed wil doen, geen fouten wil maken, een stapje harder wil lopen dan de rest, of in ieder geval minstens zo hard. Dat jij het bent, die deze baan wil houden, of niet wil kwijtraken. Allemaal willen. Mensen zeggen me dat zij iets móeten en zijn enkel vergeten dat ze het eigenlijk zelf willen.

Neem nou Sophie. Politica. Sophie is niet haar echte naam. Dat kan ook niet, zij is een fictief figuur, het is een voorbeeld snap je :). Eentje in lijn met een voorbeeld dat Ken Wilber in een van zijn boeken geeft (‘Zonder grenzen’; aanrader!). Sophie wil heel graag de politiek in, met als grootste ambitie: puinhopen opruimen en een rechtvaardige wereld. Dát wil ze. Ze steekt zich in haar mantelpak en trekt met frisse moed naar Den Haag. Jeetje wat staat haar een werk te wachten, ze tintelt van energie en heeft zin om aan de slag te gaan. Eenmaal aangekomen en gesetteld, gaat het haar toch een beetje tegenstaan. Wat een gewauwel allemaal, denkt ze. En het schiet maar niet op. Maar goed, haar wil om aan te blijven is nog altijd groter dan haar wil om te stoppen. Anders was ze wel weggegaan. Maar zo fris als ze begon, zo stroperig lijkt het nu allemaal te gaan. Ze voelt spanning. Ze heeft het gevoel dat ze wordt tegengewerkt. Ze is boos. Het gaat niet zoals ze had gedacht. Na de zoveelste sneer over en weer is ze het eigenlijk wel beu. ‘Als dit het klimaat is, wie heeft er dan straks nog zin om dit werk te doen?1 Ze is kwaad, maar lijkt vergeten dat ze er zélf wil zijn. ZIJ wil dit. Nogmaals, haar wil om te blijven, de discussies aan te gaan en urenlang te vergaderen is altijd nog groter dan dit allemaal níet te doen. En dan verschijnt haar schuldenaar bij de microfoon. Laten we hem Geert noemen. Gewoon, omdat het kan. ‘Je bent een slappe politica, met een grote mond en weinig ballen, die alleen maar vergadert en niets voor elkaar krijgt.’ Dat is de druppel. Ze loopt de kamer uit. De volgende dag geeft ze een interview in een landelijk dagblad. Ze zit inmiddels thuis vertelt ze aan de journalist, de lange werkdagen zijn haar fataal geworden. Ze is boos op Geert, boos op ‘de politiek’, het ‘werkklimaat’, de veel te lange dagen die ze moest maken.

Ze wijst naar buiten. Spreekwoordelijk natuurlijk, maar het vingertje gebruikt ze wel. ‘Ik moest dit… ik moest dat… we hebben een veel te volle agenda… en dan zegt hij ook nog eens dat ik…’ Arm kind, zie je niet dat je het allemaal zelf hebt gewild? En je laat je ook nog eens van streek maken door enkel woorden. Nu noem je het klimaat zelfs ‘onveilig’. Een ‘onveilig klimaat’ laten we rusten voor een andere brainwave (over de Homo Klagiens en (on)volwassenheid). Zin in. Maar niet genoeg blijkbaar, want ik wil dit eerst even afmaken. Voor nu blijf ik stilstaan bij het gevoel dat er te veel van je geëist wordt. Tijdsdruk. Een te volle agenda. ‘We moesten soms wel 16u per dag vergaderen’, zegt Sophie.

Djiezus… Het lijkt me toch handig om uitgeslapen te zijn als je belangrijke beslissingen wilt nemen. Te weinig slaap betekent: stress. Dat weten psychologen al te goed, maar eigenlijk weten we het allemaal wel. Je weet namelijk hoe het je lijf uitput als je te weinig slaapt. En zeker als dat over een langere periode gebeurt. En we weten ook hoe goed je dan nog kunt denken en tegen een stootje kunt. Nee hoor, lekker doorvergaderen met z’n allen. Desnoods 16 uur per dag! Gek hè, dat men overspannen raakt. Overspannen reageert, als kleine, krampachtige aapmensjes. Vreemd hoor. Mijn moeder zei altijd. Als een ander in de sloot springt, doe jij dat dan ook? Dank ma, voor deze wijsheid. ‘Ja, maar we moeten het nog over zóveel hebben, ik móest wel bij die vergadering zijn.’ Yeah, right. Oké, voordeel van de twijfel… Komt ie…

Als 16 uur vergaderen echt de beste weg was voor jou, wat is er dan mis mee?
Dan is er toch niets te klagen… het is dan toch het beste?

Of is er iets anders aan de hand? Durf je geen nee te zeggen? Ben je een bang aapje? Met nette schoenen aan. Bang om iets redelijks te zeggen: dat je naar huis gaat. Dat het mooi is geweest voor vandaag. Angst en wil gaan hand in hand. Ergens is er namelijk ook die intrinsieke motivatie om toch die absurde uren te draaien. Althans, niemand dwingt jou met een pistool op je slaap die vergaderzaal binnen te gaan. Binnen het stoïcisme zegt men het eenvoudig: óf je wilt het en je doet wat hiervoor nodig is, óf je wilt het niet.2 Je wilt bijvoorbeeld weggaan en doet wat hiervoor nodig is: weggaan. Of je wilt dat niet. Niet graag genoeg, zou ik daar zou ik aan willen toevoegen. ‘Maar ik kan het niet maken om te vertrekken.’ Zeker wel, maar er is iets dat je liever wilt: blijven. Om wat voor reden dan ook. Maar het is in ieder geval liever dát dan de consequentie van stoppen, weggaan, iets anders gaan doen. Je ontloopt liever een conflict, vermijdt liever een ogenschijnlijk moeilijke situatie. Je wil DIT-waarvan-je-zegt-het-niet-te-willen liever dan DIT níet doen. Helder? Mooi.

Even voor de duidelijkheid, het lijkt me volstrekt normaal dat er dingen in het leven moeten. Als ik dorst wil lessen, zal ik moeten drinken. Sterker nog, dan gá ik drinken. Of niet… en dan wil ik blijkbaar op dat moment iets anders liever en stel ik het even uit. Als je ambieert olympisch kampioen schaatsen te worden, zal je daar iets voor moeten doen. Maar goed… dat is dan geen moeten… dat is willen hè. Want je kunt het ook níet doen. Moeten. Willen. Angst. Verlangen. Wat klopt er eigenlijk écht als het gaat over werkstress die je meent te ervaren? Bekijk het. En voel wat er te voelen valt. Je hebt alleen jezelf nodig om het te kunnen zien.

Dus kom op… en verman je. Ehhh....  Vervrouw je. Nee... Vermens je! Ach, dat klinkt nergens naar. Trek je panty recht! Hij zit scheef namelijk. Doe wat nodig is en klaag niet. Been there, done that. Vingerwijzend naar het leven en naar mensen. Hij mag niet zus doen of zijn. Dit mag niet zó gaan. Moet anders. Moet anders. Moet anders. Je staat op repeat. Je staat op repeat :). En op een gegeven moment kun je dat spuugzat zijn. En zien dat het idee over ‘jou en de wereld’ gewoonweg niet klopt. En dan kan het spontaan ophouden. En daar knap je behoorlijk van op. Je wordt van vingerwijzen namelijk een verfomfaaid, stekelig, je-gelijk-halend diertje. Verfomfaaid. Dat is het. En dat ziet er niet fraai uit.

Tot slot, een paar opbeurende woorden van een tamelijk volwassen vrouw, die zo aardig was deze met mij te delen. ‘De mens worstelt met haar mens-zijn. Het is immer de mens die worstelt, niet de wereld. Zij heeft natuurlijk wel het vermogen om haar pijn tegen het licht te houden van die wereld, die omgeving of omstandigheden, maar het blijft steeds de mens zélf die worstelt. En zij zal die worsteling zélf tegen het licht moeten houden om te kunnen zien wat het is.’ PING..! I rest my case. En die van jou.

x

  1. zie nieuwsitem van de NOS over het klimaat in de politiek. Dus ja, het is maar een voorbeeld. En ja, het is ergens natuurlijk ook gebaseerd op verhalen.
  2. Dank Mark Tuitert! Voor je heldere uitleg over het stoïcisme in het boek Drive.
Meld je aan voor Brain Waves

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe Brain Waves?

Contact

Domineeslaan 91
3000 AB  Zwanenburg
Nederland

06-51763909
post@roelboon.nl